Frank D’hanis is leerkracht en schrijft sociale en kritische stukken die je niet in traditionele media kan lezen.
“Deelname is geen goedkeuring of normalisering van wat in Gaza gebeurt”. Ik vroeg me af waar ik de woorden van VRT-CEO Frederik Delaplace nog gelezen had. En dan schoot het me te binnen. Het waren haast de exacte woorden van de voorzitter van het Amerikaanse Olympisch Comité in 1935.

Ja, vrienden, ik ga het over een historische parallel met de nazi’s hebben. Zulke dingen zijn altijd wat beperkt, qua geldigheid. Natuurlijk is het niet helemaal dezelfde situatie. Dat hoeft ook niet om toch veel gelijkenissen te zien. En omdat er sowieso mensen dingen gaan roepen over het “veel ergere Stalinisme”: ik nodig u uit om de uitspraken van de VRT-CEO ook aan het Stalinisme te linken. Doet u maar. Ik ben – vreemd dat ik dit moet zeggen – tegenstander van elk dictatoriaal regime.
In 1936 zouden de Olympische Spelen in Berlijn plaatsvinden. Niet iedereen was daarmee opgezet. Het voornaamste bezwaar was dat de Duitse leider – u kent hem wel – de spelen zou gebruiken als propagandamiddel om zijn rijk van haat te verstevigen. Velen in de VS en daarbuiten wilden daarom de spelen boycotten, er gewoon niet aan deelnemen. Een verhitte discussie volgde.
Avery Brundage, de voorzitter van het Amerikaanse Olympisch Comité, leidde de campagne tegen de boycott. In zijn pamflet van 1935 schreef hij dat deelname geen goedkeuring inhield van het Nazisme. “We zullen nooit toestaan dat onze atleten martelaren worden van een zaak die niet de hunne is.” Het zou maar een paar jaar meer duren voor het wel de zaak van de Amerikanen was, meer dan 400.000 Amerikaanse soldaten stierven tijdens de tweede wereldoorlog.
Leuk gaan doen, mensen entertainen, zingen en dansen met een land dat een actieve genocide pleegt – er zijn al meer dan 20.000 dode Palestijnse kinderen in Gaza – is moreel laakbaar. Typisch is dat de VRT zich hult in een rookwolk van vage managementtaal en corpo-newspeak om een simpele morele kwestie te verhullen. De CEO heeft het over verbinden met muziek, over nieuwe spelregels voor stemgedrag en over maatschappelijke kwesties bespreekbaar maken. Dat laatste is wel een heel handige spin: de publieke omroep heeft als officiële taak namelijk om maatschappelijke meerwaarde te leveren met het geld van de belastingsbetaler.
Wel, ik heb een maatschappelijke discussievraag: als publieke omroep opzettelijk aan de verkeerde kant van de geschiedenis gaan staan, is dat wel zo slim?
Want manager of niet, niemand kan nog blind zijn voor de werkelijkheid van deze gruwel. Treedt die blindheid toch op, dan is er een ander motief in het spel. In het geval van de VRT zijn er twee zaken die spelen. Er is de politieke beïnvloeding, en de samenwerking met de EBU.
Politieke beïnvloeding is helaas moeilijk te bewijzen, ook al gonst het binnen en buiten de VRT voortdurend van de geruchten. Laten we even de politieke machtslogica rond deze kwestie volgen. De volkerenmoord op de Palestijnen is in Vlaanderen – net als in vele andere landen – totaal politiek gepolariseerd geworden. De polarisering is het gevolg van een vicieuze cirkel waarin rechtse partijen en hun electoraat elkaar steeds meer ophitsten met online polemieken, halve waarheden en totale leugens. Het conflict werd deel van een politieke cutuuroorlog, met steeds meer politici en influencers die de acties van Israël tegen elke logica bleven normaliseren. Zelfs rechtse politici die niet direct beïnvloed worden door Israëlische lobbyisten – en zo zijn er ook tamelijk wat, vooral bij N-VA – beseffen nu dat ze electoraal garen kunnen spinnen uit het conflict. De Raad Van Bestuur van de VRT bestaat momenteel uit voorzitter Frieda Brepoels en nog 2 andere N-VA’ers, 3 VB’ers, 1 lid van Vooruit en 1 van CD&V. Een linkse oppositie is er niet, een tegengeluid ook niet. De VRT wil naast een maatschappelijk ook een democratische functie hebben, maar dat geldt niet voor het debat dat in haar opperste gelederen wordt gevoerd. Veel medewerkers van de VRT zijn links of op zijn minst progressief, maar zij hebben geen enkele stem in het beleid.
Belangrijker voor de VRT dan de inkomsten voor de uitzending zelf, is ook de samenwerking met de EBU. Die wordt in de media momenteel vaak nogal reductief voorgesteld als de organisator van een internationaal liedjesfestival, maar ze is in werkelijkheid veel meer. Het is een samenwerkingsverband van bijna 2000 publieke mediakanalen in ongeveer 57 landen. De Eurovision News Exchange bevatte vorig jaar meer dan 20.000 items. Beelden nodig van de Paus die op zijn balkonnetje staat te zwaaien of van een bosbrand in Lybië of Cyprus. Via de EBU kan je het allemaal vinden. De execs van de VRT zijn werkelijk doodsbang om die samenwerking te verliezen. Dus steken ze liever hun kop in het zand en doen ze alsof de deelname aan het songfestival “verbindend” en “debatopwekkend” is.
De vakbond van de VRT is boos, en een groot deel van het VRT-personeel ook. Sinds de N-VA de plak zwaait is de opvatting van sociaal overleg in bijna alle (deels) overheidsgefinancierde organisaties- bijvoorbeeld ook in de VDAB – erg minimalistisch geworden. Een sociaal overleg is sociaal. En het is ook een overleg. Als die twee elementen ontbreken en men gewoon de sociale partners voor blok zet of ze in een hinderlaag legt, dan is het die naam niet meer waard. Dan is het eerder een asociaal bloedbad.
Deelname geen normalisering? Natuurlijk wel. Hopelijk komt er toch een minuut wijsheid en moed van het management, tegen de politieke overlords in, en draait men deze beslissing nog terug. Zoniet: laten we allemaal honderd procent meedoen met elke boycott van Eurovisie die eraan komt. Koen Wauters zou er alvast feestelijk voor bedanken. Feestje met Koen Wauters in het Sportpaleis tijdens Eurosong? In de hoofdstad van de N-VA? Kan iemand dat regelen? Ik heb alvast eindelijk weer een reden om openlijk naar Clouseau te luisteren. Dank, Koen.
Steun Frank D’hanis via https://buymeacoffee.com/frankdhanit
ACV VRT en ACOD-VRT dienen voor dinsdag 11, donderdag 13 en zaterdag 15 mei 2027 een stakingsaanzegging in.
Daarmee willen de vakbonden alle medewerkers beschermen die morele bezwaren hebben om van ver of dichtbij bij te dragen tot de programma’s en uitzendingen van en over het Eurovisiesongfestival.
