Op 22 september, exact 28 jaar na de dood van Semira Adamu in 1998, verzamelden betogers zich voor de gevangenis van Sint-Gillis. De actie was een eerbetoon aan haar nagedachtenis en een luid protest tegen het huidige migratiebeleid en de criminalisering van mensen zonder papieren.
De tragische dood van Semira
De 20-jarige Nigeriaanse Semira Adamu stierf tijdens haar zesde deportatiepoging. Rijkswachters drukten minutenlang een kussen op haar gezicht om haar gezang te smoren, een destijds gelegaliseerd dwangmiddel. Ze raakte in coma en overleed enkele uren later.
Kritiek op repressie en ‘woonstbetredingen’
Actievoerders hekelen de harde aanpak van de overheid. Zij wijzen op het schrappen van 1.000 opvangplaatsen, terwijl er 100 miljoen euro naar nieuwe gesloten centra en miljoenen naar grensagentschap Frontex gaan. Daarnaast is er grote angst voor een nieuwe wet op ‘woonstbetredingen’, die door de betogers wordt gezien als verkapte razzia’s waarbij de politie klopjachten in woningen kan uitvoeren.
Zondebokken in de drugsoorlog
De demonstranten verwerpen scherp de recente uitspraken van de procureur des Konings, die mensen zonder papieren aanwees als de schuldigen voor de drugscriminaliteit en schietpartijen in Brussel. Zij eisen dat justitie de telefoons van de échte drugsbaronnen afluistert en de grote smokkelroutes via Antwerpen aanpakt, in plaats van mensen zonder papieren als zondebok te gebruiken.
Solidariteit met Usama
Tot slot diende de bijeenkomst als steunbetuiging aan Usama, een activist die na jaren van verzet zit opgesloten in Sint-Gillis. Hij komt in aanmerking voor een enkelband, maar krijgt deze niet simpelweg omdat hij als persoon zonder verblijfsvergunning geen officieel adres heeft.
Beelden: SZ.
